In het laatste half uur van mijn werkdag probeerde ik nog snel een ruimte rond te gaan met de stofzuiger. Ik schoof het één en ander aan de kant en liet de stofzuiger zijn werk doen.
Toen de klus was geklaard maar het halve uur ook al bijna voorbij was, liep ik in een behoorlijk tempo naar het hok waar de stofzuiger weer ‘op adem’ mocht komen.
Eenmaal bezig met de allerlaatste voorbereidingen voor de volgende werkweek, stond er opeens een collega voor mijn neus. Ook bij de andere collega’s waren de mensen van de verschillende groepen al opgehaald om weer naar huis te gaan dus waren zij ook klaar om naar huis te gaan.
Ik bíjna dus hielp mijn collega me met de laatste dingen.
Ik liep nog wat rond op de groep maar toen opeens…
Zag ik daar, vlakbij de deur, iets liggen.
In mijn hoofd probeerde ik razendsnel te bedenken wat het kon zijn. Ik had toch al alles opgeruimd?
En de spullen die ik als laatste op had geruimd waren allemaal groot en bijna niet te tillen.
Dit leek klein, vierkant en zacht want ik had het ook niet hóren vallen.
Na enkele seconden wist ik zeker wat het was en spurtte ik erheen om het op te rapen. Vóórdat mijn collega het zag.
Want ondanks dat het eigenlijk een heel normaal ‘iets’ is, schaamde ik me er ook een beetje voor.
Ik zie mijn collega’s er nooit mee en veel anderen die ik er ooit weleens mee heb gezien deden er dingen mee die niet echt als het meest hygiënisch kunnen worden gezien.
In eerste instantie lijkt de bedoeling dan goed maar waar het daarna weer in verdwijnt…
Bang als ik was dat mijn collega mogelijk ook zou denken dat ik zo’n iemand kan zijn, wilde ik niet dat zij zag wat het was, dat het van mij was én dat ik het vervolgens ook weer in mijn zak stopte.
Al was het bij mij door die val natuurlijk ook niet erg hygiënisch meer.
Gelukkig ging ik al bijna naar huis.
Dan had ik die zakdoek waarschijnlijk niet meer nodig waarvoor ik ‘m altijd gebruik: niet om mijn neus in te snuiten waardoor hij vies wordt, maar voor noodgevallen. Door ‘m te gebruiken als hulpmiddel als mijn handen ‘vies’ zijn en ik mijn haar niet goed vind zitten of er weer wat in mijn oog zit.
Thuis verdween de zakdoek gauw bij de vuile was. Morgen weer een dag en een schone zakdoek.
Reactie plaatsen
Reacties