Zodra ik hem verlaat, verlang ik meestal alweer naar hem terug.
Naar zijn warmte en geborgenheid. Naar het gevoel van veiligheid en alsof ik continue omhelsd word.
Naar de rust die hij me geeft, al heb ik problemen of voel ik me eenzaam. Hij laat me zelfs dromen.
Ook al zijn we meestal veel te kort samen.
Bij hem vergeet ik even al mijn zorgen en hoef ik even niks.
Tenminste geen andere dingen. Ik moet namelijk wél elke dag bij hem zijn.
En zoals hij voor mij zorgt is het mijn taak dat ook voor hem te doen.
Zodat hij er aantrekkelijk uit blijft zien en fris blijft.
Anderen moeten dan ook van hem afblijven. Behalve dan mijn moeder. Mits ze haar handen heel goed gewassen heeft. In dat geval mag zij – als ze het niet kan aanzien dat ik dat nog niet heb gedaan - ook zorgen voor het behouden van zijn ‘look and feel’.
Kom ik na een dag werken thuis of ben ik gewoon in zijn buurt, dan trekt zijn aanwezigheid altijd mijn aandacht. Alsof hij me roept en wenkt te komen.
Hoe hij mij ook probeert te verleiden, ik geef pas toe aan het einde van de dag.
Dan stap ik, moe en meestal voldaan, eindelijk weer mijn lekkere bed in…
Reactie plaatsen
Reacties